In een aantal door de wet bepaalde gevallen wordt de opzegtermijn opgeschort. Dit betekent dat in deze gevallen de opzegtermijn niet ingaat of wordt stopgezet en op een later tijdstip wordt hervat. De opschorting van de opzegtermijn is alleen voorzien wanneer de werkgever de oorzaak is van de beëindiging van het arbeidscontract. Bij ontslag door de werknemer zelf wordt de opzegtermijn nooit opgeschort.
Wanneer het ontslag door de werkgever wordt gegeven, wordt de opzegtermijn opgeschort tijdens de volgende periodes van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst:
- ziekte of ongeval;
- jaarlijkse vakantie;
- zwangerschapsverlof;
- verlof voor zwangere vrouwen of vrouwen die borstvoeding geven;
- voorlopige hechtenis;
- volledige loopbaanonderbreking of volledige schorsing in het kader van tijdskrediet of thematisch verlof;
- economische werkloosheid en tijdelijke werkloosheid wegens slechte weersomstandigheden;
- verlof om dwingende redenen;
- verlof voor mantelzorgers;
- geboorteverlof;
- adoptieverlof.
Opmerkingen
0 opmerkingen
Artikel is gesloten voor opmerkingen.